|
Tussenevaluatie van de Wet SUWI 2005 |
|
|
|
|
In de 'Tussenevaluatie van de Wet SUWI 2005' is het oordeel van de minister en de staatssecretaris van SZW verwoord over de implementatie van SUWI en de in de periode 2002-2004 geboekte resultaten in de uitvoering.
Met deze tussenevaluatie SUWI 2005 wordt invulling gegeven aan het in artikel 86 Wet SUWI bedoelde evaluatief verslag over de doeltreffendheid en effecten van deze wet over 2004. Hierbij is wel van belang op te merken dat de effecten van de Wet SUWI pas goed kunnen worden gemeten als de implementatie van SUWI is afgerond en daarmee de structurele situatie is bereikt. In 2004 is dat nog niet het geval. Niettemin is het mogelijk om te beoordelen welke voortgang wordt geboekt bij het bereiken van de SUWI-doelstellingen en wat de bijdrage van de individuele actoren hieraan is geweest in de achterliggende periode. Gegeven het karakter van tussenevaluatie worden geen ‘definitieve’ conclusies met betrekking tot het stelsel getrokken. De conclusies uit dit rapport omvatten wel acties die nodig worden geacht om gestelde doelen te bereiken. Deze acties hebben niet alleen betekenis voor de uitvoeringsorganisaties, maar vanzelfsprekend ook voor de bewindslieden van SZW.
Conclusies (gedeelte van de-) De organisaties hebben een inspanning geleverd om de doelen van SUWI dichterbij te brengen. Zij zijn daarin op het ene onderdeel van de uitvoering succesvoller dan het andere, maar resultaten zijn onmiskenbaar aanwezig.
Belangrijk is bijvoorbeeld dat de resultaten van CWI inzake de preventiequote (het voorkomen van instroom naar de bijstand en de WW) over de periode 2003-2004 een licht opgaande lijn vertonen. CWI boekt daarnaast goede resultaten met het transparant maken van de arbeidsmarkt. De vacaturesite werk.nl vervult een rol van betekenis. CWI werft en vervult bovendien steeds meer vacatures en slaagt er steeds beter in werkgevers te ondersteunen.
UWV heeft de uitkeringsprocessen kunnen continueren lopende het transformatieproces. Daarnaast zijn werkprocessen geüniformeerd. Verder is verbetering gerealiseerd op het proces van het beoordelen van de re-integratie-inspanningen van werkgevers en werknemers.Beleidsinhoudelijk is bovendien de daling van het aantal WAO’ers vermeldenswaardig. Naast de bijdrage van werkgevers aan dit succes, is deze daling ook toe te schrijven aan de uitvoering van de poortwachtersrol door UWV.
SVB heeft de dienstverlening kunnen verbeteren en een tijdiger afdoening van aanvragen weten te bewerkstelligen. De werkvoorraden sterk teruggedrongen.
BKWI heeft een verbeterde versie van Suwinet-Inkijk opgeleverd. De waardering voor het gebruik van Suwinet door de gebruikers neemt toe en het aantal aansluitingen op de infrastructuur kent een sterk stijgende lijn.
Voor het Inlichtingenbureau (IB) zijn beheer en exploitatie van de samenloopapplicatie als succes aan te merken. Sinds 2003 zijn alle gemeenten op de applicatie aangesloten.
Op veel van de in de vorige tussenevaluatie – voor de periode tot 2006 – gestelde prioriteiten hebben de verschillende SUWI-organisaties resultaat kunnen laten zien. De inspanningen die aan deze prestaties ten grondslag liggen, verdienen dan ook waardering. Belangrijke aspecten van beoordeling zijn bovendien de positie en het oordeel van de klant. Ook deze zijn een indicator om successen te meten. Volgens het door de ketenpartners geïnitieerde ketenklantonderzoek vinden klanten dat de uitkeringsaanvraag redelijk snel is geregeld en de uitbetaling tijdig en correct geschiedt. Klanten zijn positief over de deskundigheid van de medewerkers. Daarnaast is van belang dat de afgelopen periode initiatieven zijn ondernomen waarvan de inzet (mede) is dat de klant er profijt van heeft. Illustratief hiervoor zijn de experimenten met de zogeheten routering A/B, samenwerking van UWV en gemeenten bij reïntegratie en bemiddeling, en de invoering van de arbeidsadviseur. De klant komt stap voor stap meer centraal te staan in de dienstverlening van de organisaties.
Maar er is nog veel te doen om de beoogde doelen van SUWI te kunnen realiseren. Op veel punten moet nog een slag gemaakt worden of is verdere verbetering mo gelijk en nodig. IWI merkt in het jaarverslag 2004 ook op dat de omslag van ‘uitkering’ naar ‘werk’ in daden en effecten nog veel inspanning vraagt.
Met deze evaluatie zijn nog aanwezige manco’s blootgelegd. Uitvoeringsprocessen zijn nog niet in alle opzichten ‘SUWI-proof’ en de resultaten zijn onvoldoende zichtbaar. De klantgerichtheid in de uitvoering is nog onvoldoende, waarmee – vanuit het perspectief van de klant – nog onvoldoende is voldaan aan de uitgangspunten van de één-loketgedachte. Het aantal klachten ligt hoog. De uitkeringsintake loopt nog niet goed. Belangrijk onderdeel van deze problematiek is dat gegevens nog te vaak dubbel worden uitgevraagd. De BVG-vorming tot dusver blijft achter bij de aanvankelijke verwachtingen. Voor de totstandkoming van ICTvoorzieningen geldt hetzelfde. De samenwerking in de keten met betrekking tot het regionale arbeidsmarktbeleid is nog onvoldoende. De organisatie en dienstverlening van IB moet verder verbeterd worden. Het transformatieproces UWV loopt langer door dan aanvankelijk was voorzien. Tot slot doen zich ten aanzien van de bedrijfsvoering nog (te veel) risico’s voor. […]
Download hier het volledige onderzoek |