Klanttevredenheidsonderzoek

Inloggen



De gevolgen van selectie bij re-integratietrajecten voor WW-gerechtigden PDF Afdrukken E-mailadres

In oktober 2005 heeft de Inspectie Werk en Inkomen heeft rapport ‘De gevolgen van selectie bij re-integratietrajecten voor WW-gerechtigden’ gepubliceerd. De Inspectie Werk en Inkomen (IWI) gaat in dit rapport in op de mate waarin WW’ers die ondersteuning krijgen die zij nodig hebben.

Re-integratie ondersteunt werkloze werknemers bij hun terugkeer naar werk. Hierbij is het de bedoeling dat iedere werkloze die ondersteuning krijgt die hij nodig heeft om zo snel mogelijk weer een plek op de arbeidsmarkt te herwinnen. Kansarme WW’ers hebben meer ondersteuning nodig bij hun terugkeer naar werk dan kansrijke. Op het moment dat kansarme WW’ers minder ondersteuning krijgen dan zij nodig hebben, terwijl de ondersteuning van kansrijke WW’ers (beter) past, is er sprake van afroming. Tijdens de behandeling van Wet Structuur uitvoering werk en inkomen (SUWI) hebben verschillende partijen gewezen op het risico van afroming. Het risico op afroming is groter geworden door het invoeren van een uitgebreidere vorm van resultaatfinanciering. Re-integratiebedrijven krijgen nu in veel gevallen alleen nog betaald wanneer de WW’er werk vindt. De financiële risico’s zijn hierdoor groter geworden voor deze bedrijven, waardoor het risico dat er minder geïnvesteerd wordt in kansarme WW’ers is gegroeid. Dit vormde de aanleiding voor IWI te onderzoeken in welke mate afroming op dit moment een probleem vormt en wat voor acties het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) onderneemt om afroming te voorkomen.

Conclusie
De inspectie oordeelt positief over de manier waarop UWV afroming voorkomt bij het starten van een traject. In deze fase worden vrijwel geen WW’ers zonder goede reden teruggestuurd. Dit is mede te danken aan de wijze waarop UWV omgaat met ‘terugmeldingen’ van de re-integratiebedrijven. Terugmeldingen zonder goede reden worden door UWV niet geaccepteerd. De inspectie houdt geen toezicht op de uitvoering van re-integratietrajecten door private bedrijven, maar heeft de activiteiten van deze bedrijven wel onderzocht om inzicht te krijgen in de effectiviteit van het opdrachtgeverschap van UWV bij het voorkomen van afroming. Kansarme WW’ers krijgen niet meer ondersteuning dan kansrijke, terwijl zij naar verwachting wel extra ondersteuning nodig hebben. Zowel kansarme als kansrijke WW’ers ontvangen een relatief beperkt traject. Tijdens het traject spannen re-integratiebedrijven zich soms meer in voor kansrijke dan voor kansarme WW’ers, omdat die eerste groep makkelijker aan het werk te krijgen is. De inspectie is van mening dat UWV op dit moment te weinig verantwoordelijkheid neemt voor de inhoud en de uitvoering van de re integratietrajecten. De keuze om re-integratiebedrijven veel vrijheid te laten bij de invulling van het traject is door UWV gemaakt omdat met de ‘no cure, no pay’ financieringssystematiek de verantwoordelijkheid voor het resultaat sterk bij het re-integratiebureau wordt gelegd. IWI onderkent de verantwoordelijkheid van het re-integratiebedrijf voor de inhoud van het traject, maar vindt dat dit UWV niet ontslaat van haar verantwoordelijkheid te waarborgen dat WW’ers voldoende en gerichte activiteiten krijgen aangeboden. UWV blijft (zij het in beperktere mate), verantwoordelijk voor de inzet van voldoende activiteiten voor WW’ers. Bij de trajecten met een no cure less pay vergoeding krijgt het re-integratiebedrijf altijd een deel van de kosten van het traject vergoed uit publieke middelen, ook als een traject niet tot een plaatsing leidt. Bij deze trajecten is de verantwoordelijkheid van UWV voor de inhoud zelfs groter. IWI oordeelt dat UWV haar verantwoordelijkheid momenteel niet voldoende invult. De inspectie onderkent dat UWV is gestart met een grote verandering door de invoering van de re-integratiecoach. IWI gaat ervan uit dat UWV de mogelijkheden die deze nieuwe invulling van het opdrachtgeverschap bieden, aangrijpt om de in dit onderzoek geconstateerde problemen op te lossen.

Een kwart van alle WW’ers die na één jaar nog een uitkering ontvangen staat nog als fase 1 geregistreerd. De WW’ers binnen deze groep kregen slechts zelden (in drie procent van de gevallen) binnen een jaar een traject aangeboden. De inspectie vindt het zorgwekkend dat deze groep tijdens de onderzochte periode slechts zelden ondersteuning heeft gekregen. Hoe langer deze mensen geen ondersteuning krijgen, hoe kansarmer ze uiteindelijk worden. De kans op langdurige werkloosheid neemt dus toe voor deze groep. UWV en CWI hebben aangegeven de oorzaken van dit probleem nader te onderzoeken. UWV plaatst de problematiek in de context van een algemene verbeteringsslag die UWV wil uitvoeren in het kader van de sluitende aanpak. In het kader van een verbetering van de ketensamenwerking tussen (onder andere) UWV en CWI wordt binnenkort een aantal maatregelen geëvalueerd. Het is daarbij van belang dat bij de evaluatie van deze maatregelen expliciet aandacht gegeven wordt aan het oplossen van de in dit rapport beschreven problematiek.

Download hier het volledige onderzoek

 
De kortste weg naar werk - Een onderzoek naar re-integratiecoaching WW bij UWV

Inspectie Werk en Inkomen heeft in december 2005 het rapport “De kortste weg naar werk”, een onderzoek naar re-integratiecoaching WW bij het UWV, gepubliceerd. 

Het borgen van publiek belang - Rapporten van de WRR aan de regering

De WRR (Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid) heeft in 2000 het rapport ‘Het borgen van publiek belang’ uitgebracht. De WRR heeft zelf het initiatief tot onderzoek genomen. [ ... ]

Lessen uit de privatisering van re-integratiediensten

In opdracht van het ministerie van Economische Zaken heeft SEO onderzoek gedaan naar de markt van re-integratiediensten. In december 2002 is het onderzoek ‘Lessen uit de privatisering van re-int [ ... ]

Inzicht in ketenspecifieke succes-en faalfactoren, toegepast op de re-integratieketen voor (ontslag)

April 2002 heeft TNO Arbeid het rapport ‘Inzicht in ketenspecifieke succes-en faalfactoren, toegepast op de re-integratieketen voor (ontslag) werklozen’ gepubliceerd.

Bemiddeling en re-integratie van werklozen - Een onderzoek door de Algemene Rekenkamer

De Algemene Rekenkamer heeft in de periode februari-juni 2004 onderzoek gedaan naar de arbeidsbemiddeling en re-integratie van WW’ers. De resultaten van dit onderzoek staan in het rapport &lsquo [ ... ]



Alle publicaties


TUV Blik op werk

inbedrijf

<Noloc

NOBCO

EMCC


Je bent goed zoals je bent.
Je bent goed zoals je bent.

 
© 2012 InterLuceo
Joomla website en webhosting door NetSolid